De kerk van Tolbert.
Het koor is het oudste deel van de kerk. De oorspronkelijke stijl is Romaans en is opgetrokken uit baksteen (kloostermoppen). Deze kloostermoppen werden vaak ter plaatse van de kerk gebakken en hebben vaak van kerk tot kerk een andere maat. Aan de buitenkant van het koor is het dichtgemetselde rondboogvenster nog duidelijk te zien. Bouwjaar omstreeks 1290.
De kerk heeft een rechthoekig schip met iets lager recht gesloten koor, waartegen aan de oostzijde een steunbeer is gebouwd om verzakking tegen te gaan.
De toren.
In de 13e eeuw is het onderste gedeelte van de toren gebouwd. Later is het schip tussen de toren en het koor geplaatst. Aan de buitenzijde van de toren en vanaf de kerkzolder is dit nog duidelijk zichtbaar.
Omstreeks 1600 is de toren in kleiner formaat bakstenen verhoogd en voorzien van wit gepleisterde galmgaten en afgedekt met een zadeldak. Dit type toren vind je vooral in Friesland en Groningen en het aangrenzende deel van Duitsland. Hoogte van de toren is ongeveer 30 meter, de muren zijn bij de voet van de toren ongeveer 1.50 meter dik, die van het schip ongeveer 60 cm.
De toren is gebouwd op veldkeien, die je bij de ingang kunt zien. Deze ingang is pas later aangebracht. De ingang van de kerk was aan de noord- en zuidzijde van het schip. Vooral aan de zuidzijde is dit mooi te zien. Eerst een vrij brede ingang en later is die weer kleiner gemaakt.
Het aanzien van de zuidwest hoek van de toren is nogal beschadigd door een ingrijpende restauratie in het begin van de 19e eeuw. Het gebruik van machinale baksteen en een andere manier van voegen doet afbreuk aan deze mooie toren. Nog is de plaats te herkennen waar een stuk uit de muur is gekapt tijdens de Tweede Wereldoorlog om de gevorderde klok uit de toren te kunnen halen. Gelukkig is de klok weer teruggekomen en hangt hij weer in de toren en laat zijn geluid weer dagelijks horen. De klok is gegoten in 1660 door Jurgen Balthasar en betaalt uit “d’gemene midlen v, ’t oldebert A 1660”.
De klok is voorzien van de familiewapens.
Voorzijde : “Carell Hieronymus. Vryheer van Inhuisen en Kniphuisen, Heer tot Nienorth, Vredewolt en Uplewardt”.
Achterzijde : Ïvo Auwema”.
Het uurwerk in de toren werd in 1928 geleverd door de firma IJsbouts uit Asten.
Het schip.
Het schip van de kerk is tussen koor en toren gebouwd en heeft een verhoogd dak t.o.v. het koor. Na het gereed komen daarvan had de kerk zijn vorm gekregen, die het heden ook nog heeft.
In de noord- en zuidmuur van het schip zijn aan weerszijden twee rondboogvensters aangebracht. Deze zijn niet oorspronkelijk. Hier hebben gotische spitsboog vensters gezeten. Binnen kan men dit nog duidelijk zien.
Tot aan de grote restauratie van 1983-1993 was de veronderstelling dat het kerkschip een overwelving had in steen in twee traveeën. Toen al het stucwerk van de muren werd gehaald tijdens de restauratie bleken deze uit mooi metselwerk te bestaan. Geen enkel teken dat gewelven waren weggebroken. Nu wordt aangenomen dat het wel in het voornemen heeft gelegen deze aan te brengen, maar dat het nooit tot uitvoering is gekomen. Om de ramen zijn echter wel de muraalbogen nog te zien waarop het gewelf zou moeten rusten. Verder zijn in de vloer op zes plaatsen de funderingen voor de pilaren nog aanwezig. Er werd echter een houten zolder aangebracht op de grote trekbalken. Deze zijn niet meer zichtbaar. In 1909 werd een plafond met kraalschrootjes in een grote stervormige figuur binnen een lijst aangebracht. Deze hangt ongeveer 80 cm onder de trekbalken.
Tussen schip en koor bevindt zich een triomfboog. In de triomfboog is een houten schot geplaatst, waardoor het schip van het koor is gescheiden. Hier tegen stond voor de restauratie de preekstoel. Tijdens de restauratie verhuisde deze naar de zuidzijde van de triomfboog en werd geplaatst in een nis, die toen werd ontdekt. Het is nu weer mogelijk om het koor bij het schip te voegen door het openen van de deuren. Het oude hang- en sluitwerk ging weer dienst doen na ruim 200 jaar.
De kerkinrichting is tijdens de restauratie enigszins gewijzigd. Onder het orgel zijn aan de noordzijde toiletten aangebracht. Aan de zuidzijde is een kleine consistorieruimte aangebracht. Verder zijn een aantal banken verwijderd om meer zitruimte te krijgen. Ook zijn de banken enigszins gekanteld om een iets comfortabeler zit te krijgen. In 2006 heeft de Plaatselijke Commissie Kerk Tolbert een drietal koperen kaarsenkandelaren in het schip geplaatst ter verfraaiing van de kerk.
Het koor.
Het koor is het oudste deel van de kerk. Hier stond in de periode van de Rooms Katholieke Eredienst het altaar. Het deurtje in de noordmuur gaf toegang tot de sacristie die later is afgebroken. Na de reformatie werd het altaar verwijderd en een “koorhek” geplaatst voor de plek waar het altaar had gestaan. Dit hek gaf aan, dat de altaardienst voorbij was en het nu ging om de dienst van het Woord.
Toen men de koorruimte voor andere doelen wilde gebruiken, werd een ingang door de oostmuur gerealiseerd. Ook het koorhek is toen vermoedelijk afgebroken.Wanneer dit precies gebeurd is, weten wij niet.
Het gebruik van onderdelen van dat hek vertellen ons wel iets. De bovenste balk werd grotendeels gebruikt voor het plaatsen van het tussenschot tussen koor en schip. Het laatste stuk als afdekking van het deurkozijn van de nieuwe ingang in de oostmuur. Op dit deel moet het jaartal staan van wanneer het koorhek geplaatst is.Dit is echter niet te zien. Zowel in de balk van het tussenschot en in die van het deurkozijn zijn de gaten zichtbaar, waarin de spijlen waren bevestigd.
Tijdens de laatste grote restauratie kwam achter een dikke witkalklaag de volgende tekst te voorschijn : “O heer wanneer ick U hebbe soo vraghe ick biet nae Hemel en Aerde”. Deze tekst staat er twee maal op, over elkaar heen, in oud en nieuw Nederlands, in goud en zwart. Vooraan in het schip van de kerk ligt de grafsteen van Hendrikus Leuring overleden in 1775 op 21 april, 33 jaar oud. In leven kerkvoogd te Tolbert.
Het koor heeft in de jaren 1816 tot 1862 dienst gedaan als school en later als consistorie. Voor de twee gotische ramen in de oostmuur werd een soort podium gebouwd. Al het verenigingsleven en bijeenkomsten van de kerk vonden hier plaats. Tijdens de laatste grote restauratie is dit alles verwijderd en konden de deuren tussen koor en schip weer worden geopend. Vermeldenswaardig is nog dat het eerste consultatiebureau van het Groene Kruis hier werd gehouden. De kerk van Tolbert heeft door de jaren heen een zeer belangrijke functie vervuld in de dorpssamenleving. In het koor hangt een grote massief koperen kroonluchter die geschonken is aan de kerk door de Herv. Vrouwen vereniging t.g.v. het gereed komen van de restauratie in 1993.
Het orgel.
Het orgel in de kerk werd in 1867 door de orgelbouwer Petrus van Oeckelen uit Harenermolen gebouwd. Het is een balustradeorgel die staat op een orgeltribune tegen de westwand van het schip.
Het wordt gedragen door imitatiemarmer geschilderde houten Toscane zuilen. De ingebruikneming vond plaats op 17 maart 1867. De inspeling geschiedde door de schoolmeester van Tolbert, dhr. R. Blomsma.De koopsom bedroeg destijds fl 1.512,50. Het orgel is niet veranderd in de loop van de jaren, maar heeft wel zijn versiering van de middelste pedaaltoren verloren door het aanbrengen van een verlaagd plafond. In 2000/2001 is het orgel gerestaureerd. Het kreeg zijn originel kleuren weer : rijtuigenzwart, donkergroen en goud. De rstauratiekosten bedroegen ruim fl 180.000,00. Op 25 maart 2001 werd het orgel weer in gebruik genomen tijdens een dienst van het IKB.
Avondmaalszilver.
De kerk bezit een zilveren beker uit 1686, die volgens de inscriptie op de beker gegeven is door juffer Ulsia Maria Auwema. Zij heeft in 1686 ook een aardewerken schenkkan met zilveren deksel geschonken. Die is kennelijk gebroken, want de huidige is van latere datum. Verder is er een oude tinnen broodschaal uit 1800 en een tinnen schaal met kleine bekertjes van jongere datum.
Kanselbijbels.
De kerk is in het bezit van twee kanselbijbels. De oudste is uit 1741. Het is een Statenbijbel en ligt op de kansel. De tweede is een geschenk van mr. Hendrik Octavianus Feith in 1897. Dhr. Feith was stadsarchivaris in Groningen. Bijna was deze bijbel bij het oud papier gegooid. Een van de laatste predikanten van de Herv. Gemeente Tolbert zei tegen de kosteres, dat zij deze bijbel wel weg kon gooien. De bijbel lag geheel uit elkaar en werd niet meer gebruikt. Hij is toen blijven liggen in de kast van de Vrouwenvereniging. Hij is bij de restauratie weer te voorschijn gekomen en door de Vrouwenvereniging op hun kosten hersteld. De bijbel ligt nu op de lezenaar in het schip van de kerk.
Fusie.
Na 1971 fuseerde de Hervormde gemeente Tolbert met de Hervormde emeente van Lettelbert en Midwolde-Leek in de streekgemeente “Oldebert”.
Huidige situatie.
Nadat het kerkgebouw op 16 november 1977 met bruidsschat werd overgedragen aan de Stichting Oude Groninger Kerken, werd de Plaatselijke Commissie Kerk Tolbert geïnstalleerd, die de dagelijkse gang van zaken voor zijn rekening heeft genomen.
Momenteel wordt de kerk gebruikt voor diensten van onze gemeente, de 4-mei viering en het wordt verhuurd aan koren en particulieren. Er is jaarlijks een cyclus van concerten “Muziek in ‘d Olle Buurt” geheten. Verder worden er tentoonstellingen gehouden.